Unknown Territory: Mechelen

Pictures by Jonas Van Bouwel, B2Photography & AikonProductions

Share

Met Unknown Territory graven we dieper in de minder voor de hand liggende partysteden. In Brussel, Antwerpen, Gent of Luik kan je feesten in grote nachtclubs, maar die grootsteden hebben echt geen monopolie op een stevig avondje stappen. Talent te over in onze provinciesteden, al botsen muziekpromotoren hier wel op fikse uitdagingen: doing more with (a lot) less. Voor de overtuigde organisator met een missie om kwaliteitsnightlife een plaats te geven in het lokale uitgaansleven gelden er namelijk andere - geschreven en ongeschreven - regels dan in een vaak oververzadigde grootstad. Dus. Waarom niet eens onbekend terrein verkennen volgend weekend? Bij deze heb je alvast een idee waar je moet beginnen in Mechelen.

Het nachtleven in Mechelen bruist. Daar zijn de lokale organisatoren in de Dijlestad unaniem over. “Tien jaar geleden was er amper een nachtleven. In de laatste vijf jaar is veel veranderd”, vertelt Peter Neefs van Kurabu. Kurabu is, net zoals Metadrome, Lunar, Ongehoord, In Utero, Donderdans, Living Room en Kabaal een van de vele crews die sinds een jaar of vijf weer vorm geven aan een Mechelse nachtcultuur. 

Franky Jones, geboren en getogen in Mechelen is een veteraan uit het nachtleven. De Bonzai-legende schreef in 1993 geschiedenis met een van de grootste dansvloerklassiekers die ons land telt: The First Rebirth, een anthem dat hij samen met collega producer Stephenson 'per ongeluk' op een kwartiertje in elkaar flanste. Hij woont al 45 jaar in het centrum van de stad: “Ik maakte de evolutie van dichtbij mee en zag Mechelen in de jaren 80 en 90 openbloeien om vervolgens rond de eeuwwisseling weer in elkaar te zakken”. Als tiener begon Jones, inmiddels een vijftiger, plaatjes te draaien op schoolfeesten en in bars. “Muzikaal was er altijd een breed aanbod in Mechelen. In mijn eerste jaren draaide ik hip hop, soul en funk. In andere danscafés werd er avant garde muziek gedraaid.”

“Mensen kwamen daarvoor van ver”, beaamt Jan Straetmans van Lunar, een collectief dat voortvloeide uit het lokale jeugdhuis Joko. “In de jaren 80 was Mechelen een trekplijster. Uit alle kanten van het land, en uit buurlanden, kwamen mensen naar danscafés zoals Club Revue.” Club Revue was een toonaangevende new wave discotheek. Naarmate trends evolueerden groeide het uit tot een plek voor new beat en house. En zo waren er ettelijke feestzalen en clubs in de omgeving van Mechelen. De Oscars, Sotscop, Beethoven, De Valentijn, Martinique, Het Arsenaal, De Jimmy's... Stuk voor stuk gaven ze kleur aan de Antwerpse provinciestad. 

In de jaren 80 was Mechelen een trekpleister. Uit alle kanten van het land kwamen mensen naar danscafés zoals Club Revue. - Jan Straetmans

Dat gold ook voor Radio Reflex, een lokaal radiostation dat in 1980 de ether inging, en, niet in het minst, enkele toonaangevende platenwinkels. Een boegbeeld daarvan was Wif Records. “De platenwinkel in de Onze-Lieve-Vrouwstraat had naast USA Import en Music Man een van de grootste stocks in België”, vertelt Jones, die zelf ook ooit achter de kassa van Wif stond. “In de jaren 80 en 90 kwamen DJ's en muziekliefhebbers uit heel België er afgezakt voor de laatste nieuwe releases.” Ook platenwinkels als LP Discount, Gilbert Govaert's Popcorn en BCM maakten, elks op hun moment, een muzikale hotspot van de stad. Daar kwam eind jaren 90 verandering in. De platenverkoop daalde naarmate de mp3 opkwam en de stad maakte het steeds moeilijker voor organisaties om events te organiseren. “Van 1998 tot 2010 viel het nachtleven stil”, vertelt Jones. “Mede door een stadsbestuur dat alles doodmaakte. Er was geen plek meer om te feesten.”

Die plek is er nu wel. In de laatste jaren werd er door het stadsbestuur weer zuurstof en ruimte aan jonge organisaties geboden. Onder andere met Transit M, een oude werkplaats van de NMBS op het Douaneplein. De hangar net buiten de stad werd omgebouwd tot een plaats waar jongeren naast een skatebowl en repetitieruimtes ook twee eventlocaties kunnen vinden: De Loods en De Club. Vandaag gaan daar de meeste events door. “Het is moeilijk om ergens anders een ruimte te vinden waar je tot 5 uur 's morgens kan doorgaan. We zouden graag in het centrum van de stad een feest organiseren, maar dat is niet eenvoudig”, vertelt Peter Neefs van Kurabu. Daar is Jan Straetmans van Lunar het mee eens: “We krijgen een goede ondersteuning van de stad, maar er is een tekort aan ruimtes in het centrum. Er zijn nog enkele cafés die soms een DJ programmeren in het centrum. Maar om tot in de vroege uren te dansen moet je al snel naar het Douaneplein. Mechelen heeft een mooie evolutie doorgaan in het centrum, maar qua uitgaan is het er niet op vooruitgegaan. De stad focust zich in het centrum liever op jonge dertigersgezinnen dan op feestende jeugd.”

Die beperkte keuze aan locaties houdt de Mechelaars echter niet tegen. Maarten Boodts is een van de breinen achter Metadrome. Als werknemer bij Hexagon, een licht- en geluidsbedrijf, voorziet hij de meeste events in De Club en De Loods mee van materiaal. “We hadden al het gerief. Dus waarom geen feest organiseren met de muziek die we zelf willen horen?” legt hij uit. Op de vorige affiches sierden Hans Bouffmyhre en Tommy Four Seven. “We zijn zes jaar geleden met Metadrome gestart, toen de grote technogolf nog niet de toppen bereikte die het nu doet.”

Ook Kabaal verkent sinds drie jaar het techno-spectrum. “Er gebeurde niet heel veel in Mechelen qua underground events”, vertelt organisator Axel Van Deyck. “Onze eerste events waren meteen uitverkocht. We proberen steeds kwalitatieve line-ups te brengen met lange sets door de headliner. Ik ben geen voorstander van korte sets. Artiesten moeten een verhaal kunnen vertellen.” En sets durven uitlopen. “Nico Morano kwam eens spelen. Toen ik hem ging vragen hoe lang hij nog wou draaien zei hij: 'Geef me een seintje als het 5 uur is, dan stop ik.' Het was ondertussen half 6”.

De stad focust zich in het centrum liever op jonge dertigersgezinnen dan op feestende jeugd. - Jan Straetmans

Maar het is lang niet enkel techno dat de klok slaat onder de Sint-Romboutstoren. De heren van Lunar hebben memorabele avonden met San Soda en Robert Bergman in hun geheugen gegrift, en maken er hun missie van om nog verder te kijken dan clubmuziek. “Met Lunar willen we een zo breed mogelijk aanbod van elektronische muziek in de stad laten horen”, vertelt Jan Straetmans. Dat blijkt ook uit hun samenwerking met Kunstencentrum nona, het kunstencentrum pal in het midden van de stad. “Die samenwerking geeft de kans om nieuwe dingen uit te proberen voor een publiek dat misschien meer aansluiting met theater en jazz, dan met EDM heeft.” Onlangs organiseerden ze Kinetic Sound Night. Een avond waar meer ruimte was voor performances en installatiekunst. “Mensen reageerden heel enthousiast. Die piste willen we verder verkennen.”

Met het Kurabu-collectief bundelt Peter Neefs, samen met vier vrienden, de liefde voor eclectische dansmuziek: “Naarmate het nachtleven aan het evolueren was wouden we tegengewicht bieden aan de commerciële muziek, en aan de hardere techno en tech-house concepten die hier populair zijn.” Zo brachten ze onder andere Daniel Wang en Nosedrip naar de Dijlestad. De avonden financieel bolwerken is niet altijd even eenvoudig op een plek waar het draagvlak kleiner is dan in grote steden. “Bookers sturen ons evengoed de standaard riders op waarbij ze een viersterrenhotel of dure wagen voor het transport verzoeken. Dat terwijl we maar een event met een capaciteit van 250 personen organiseren. We moeten ze dan overtuigen met onze visie.”

Feesten geven in een kleinere stad brengt ook voordelen met zich mee. “Er hangt een intieme sfeer, iedereen kent elkaar, mensen komen voor de muziek”, vertelt Maarten Boodts. Als we vragen of er sprake is van onderlinge concurrentie wordt dat meteen afgekaatst: “De promotors in Mechelen zijn goed op elkaar ingespeeld. We werken samen in een kleine stad. Het zou belachelijk zijn om met elkaar te concurreren. Met de trein ben je op 20 minuten in Brussel en op 18 minuten in Antwerpen. Daar worden feesten op een andere schaal georganiseerd. Ik gok dat de concurrentie eerder daar zit.” Axel Van Deyck volgt die redenering: “Ik ben heel blij dat er meer en meer organisaties underground events beginnen te organiseren in Mechelen, ik zie ze niet als concurrentie maar eerder als partners om de scene in Mechelen naar een hoger niveau te tillen.”

Met de trein ben je op 20 minuten in Brussel en op 18 minuten in Antwerpen. De concurrentie zit niet hier maar daar. - Maarten Boodts

“Mechelen komt van ver,” vertelt Peter Neefs, “in de afgelopen tien jaar is er veel veranderd. Het is een heel aangename en mooie stad geworden om in te leven. De stad doet goed werk. Maar voor een bruisende scene heb je niet enkel de stad nodig, maar ook investeerders en een draagvlak. Dat is nu aan het groeien. Er komen bijvoorbeeld veel horeca en musea bij. Het muzikaal aanbod groeit nu langzaam mee.”

“Er is veel vraag naar elektronische muziek”, vertelt Maarten Boodts. Dat heeft de stad inmiddels ook door. Mechelen heeft met Maanrock het grootste gratis stadsfestival in Vlaanderen. Tot voor kort was er geen elektronische muziek te vinden maar sinds vorig jaar is er een luik voor clubmuziek.” Dit jaar hosten Metadrome, Lunar en Kurabu er elks een dag op De Koer: een driedaagse dansmarathon die deel uitmaakt van het festival. Het wordt steeds meer en meer, de tendensen en het publiek groeien. Ik geloof erin: over een paar jaar komen mensen uit andere steden ook tot hier voor events.”